1. Een bevoegd gezag van een school voor basisonderwijs verstrekt
jaarlijks voor 1 mei voorafgaande aan het volgende schooljaar een opgave
van de voor dat schooljaar voor de school gewenste onderwijsgebruik van
een gymnastiekruimte. Deze opgave bevat de volgende gegevens:
het verwachte aantal groepen 6-12 jarigen;
de aanduiding van de gymnastiekruimte of –ruimten waarin het
gebruik wordt gewenst;
de tijden waarop het onderwijsgebruik gedurende een schoolweek
wordt gewenst.
2. Het gewenste onderwijsgebruik wordt afgezet tegen de beschikbare
capaciteit van de gymnastiekruimten, waarbij wordt uitgegaan van een
capaciteit van 26 klokuren per week per gymnastiekruimte.
3. Bij inroostering wordt het volgende in acht genomen:
de afstanden in relatie tot de omvang van het onderwijsgebruik
van een gymnastiekruimte, zoals opgenomen in bijlage I, deel
B;
het bevoegd gezag van een niet door de gemeente in
standgehouden school dat eigenaar is van een gymnastiekruimte
wordt voor de desbetreffende school het eerst ingeroosterd voor
die gymnastiekruimte.
het gymonderwijs van een school wordt zoveel mogelijk
ingeroosterd in één gymruimte.
4. Het bevoegd gezag kan verzoeken meer klokuren in te roosteren dan het
aantal klokuren dat door het college is vastgesteld.
5. Het verzoek als bedoeld in het vorige lid wordt uitsluitend in
behandeling genomen als daarvoor nog capaciteit beschikbaar is. Het
aantal klokuren dat extra wordt ingeroosterd komt voor rekening van het
bevoegd gezag van de school.
Hoofdstuk 6.
Artikel 26.
Mutaties aantal klokuren binnen beschikbare capaciteit, inroosteren en gebruik
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Bladel 2014