Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 3

Toegang jeugdhulp, melding hulpvraag

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Geldrop-Mierlo 2015

De huisarts, medisch specialist en jeugdarts die een jeugdige of zijn ouders behandelen, stellen het college in kennis van hun verwijzing naar een door het college bij besluit te verlenen individuele voorziening. Het college legt de te verlenen individuele voorziening, dan wel het afwijzen daarvan, vast in een beschikking. Het college zorgt voor inzet van de jeugdhulp die de rechter of de gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel, die de rechter, het openbaar ministerie, de selectiefunctionaris, de inrichtingenarts of de directeur van de justitiële Inrichting nodig achten bij de uitvoering van een strafrechtelijke beslissing, of die de gecertificeerde instelling nodig acht bij de uitvoering van jeugdreclassering. Het ‘Samenwerkingsprotocol Gemeenten Zuidoost-Brabant – Raad voor de Kinderbescherming’ is van toepassing. 4 Jeugdigen en ouders kunnen schriftelijk, elektronisch, telefonisch of mondeling melding doen van een hulpvraag bij het college. Het college registreert schriftelijk de ontvangst van een melding en bevestigt deze schriftelijk. In spoedeisende gevallen treft het college zo spoedig mogelijk een passende tijdelijke maatregel of vraagt het college een machtiging gesloten jeugdhulp bij de rechter als bedoeld in hoofdstuk 6 van de wet. Jeugdigen en ouders kunnen zich rechtstreeks wenden tot een overige voorziening. Ook de huisarts, medisch specialist en jeugdarts kunnen hen rechtstreeks verwijzen naar een overige voorziening. Jeugdigen en ouders kunnen een aanvraag om een individuele voorziening schriftelijk indienen bij het college.

Rechtspraak bij dit artikel