Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 4a

Afzien van verlaging

Onderdeel van Afstemmingsverordening gemeente Arnhem 2015

1.. In geval van vergissingen of geringe termijnoverschrijdingen maakt het college voor zover mogelijk gebruik van zijn bevoegdheid in artikel 18a, vierde lid, van de Participatiewet door te volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing. 2.. Er wordt geacht sprake te zijn van verminderde verwijtbaarheid als bedoeld in artikel 18a, zevende lid, onder a, van de participatiewet, wanneer plausibel is dat een andere oorzaak dan het willen frauderen ten grondslag ligt aan het overtreden van de inlichtingenplicht. 3.. De bestuurlijke boete wordt bij toepassing van het tweede lid bepaald op ten hoogste tien procent van het behandelingsbedrag, wanneer de oorzaak van de overtreding gelegen is in: De complexiteit van de overheid; Het niet aankomen van informatie; Het (nog) niet beschikbaar zijn van informatie; Het subjectief onvermogen; vergissen, vergeten, misverstand of niet weten. 4.. Het derde lid is van overeenkomstige toepassing wanneer er sprake is van geringe termijnoverschrijdingen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel