6.5.1 Bij de jeugdhulpaanbieder
In de Jeugdwet is bepaald dat jeugdhulpaanbieders een regeling voor de behandeling van klachten treffen. Hierbij gaat het over klachten – over gedragingen van de aanbieder en zijn werknemers jegens een jeugdige of ouders- in het kader van de verlening van jeugdhulp, de uitvoering van een maatregel kinderbescherming of jeugdreclassering.
De aanbieder moet een klachtencommissie instellen, die bestaat uit ten minste drie leden, waaronder een voorzitter die niet werkzaam is voor of bij de jeugdhulpaanbieder of de gecertificeerde instelling.
Aan de behandeling van een klacht mag niet worden deelgenomen door een persoon op wiens gedraging de klacht rechtstreeks betrekking heeft. Als jeugdigen of hun ouders een klacht hebben dan kunnen zij deze klacht indienen bij de aanbieder in kwestie of bij de klachtencommissie van die aanbieder.
6.5.2 Bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG)
Indien mensen niet tevreden zijn over de benadering en het contact met de hulpverlener werkzaam binnen het CJG dan kunnen zij dit melden bij het CJG.
Klachten die bij het CJG worden ingediend, worden ontvangen door de procescoördinator(en) van het CJG. De procescoördinator(en) bekijkt de klacht en zet deze waar nodig door naar de werkgever van de professional.
6.5.3 Bij de gemeente
Klachten die onder de verantwoordelijkheid van de gemeente vallen, worden behandeld volgens de in hoofdstuk 9 Algemene wet bestuursrecht beschreven procedure. Dit houdt in dat een klacht eerst wordt ingediend bij de gemeente (kenbaarheidsvereiste). De gemeente onderzoekt dan de klacht en geeft een schriftelijk gemotiveerd oordeel. Verloopt de behandeling van de klacht niet naar tevredenheid van de klager, dan bestaat de mogelijkheid om de Nationale ombudsman als tweede instantie schriftelijk te verzoeken een onderzoek in te stellen naar de wijze waarop een bestuursorgaan (in dit geval het college van de gemeente) zich in een bepaalde aangelegenheid heeft gedragen. (externe procedure). De conclusie van de Ombudsman wordt schriftelijk in een rapport vastgelegd.
Zowel de gemeente als de Nationale Ombudsman proberen veel klachten in onderling overleg of via mediation af te handelen. Zo wordt de formele procedure vermeden, terwijl de resultaten vaak veel bevredigender zijn. Deze afwijkende procedure wordt overigens alleen gevolgd na instemming van de klager.
Het aantal en de aard van de klachten die zijn behandeld worden jaarlijks gepubliceerd zonder dat dit terug te herleiden is naar individuele gevallen.