1.Het college kan een belanghebbende met een grote afstand tot de arbeidsmarkt eentegenprestatie opdragen.
2.Het college kan een belanghebbende met een kleine afstand tot de arbeidsmarkt uitsluitend eentegenprestatie opdragen indien bijzondere omstandigheden dat rechtvaardigen.
Bij het opdragen van een tegenprestatie houdt het college rekening met de volgende factoren:
de tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden verricht door een belanghebbende;
de persoonlijke situatie en individuele omstandigheden van een belanghebbende moeten inaanmerking worden genomen;
de persoonlijke wensen en kwaliteiten van een belanghebbende moeten in overweging worden genomen;
als een belanghebbende al maatschappelijke activiteiten of vrijwilligerswerk verricht dan welzelf aandraagt, moet daarmee rekening worden gehouden.
HOOFDSTUK 2
Artikel 4.
Het opdragen van een tegenprestatie
Onderdeel van Verordening tegenprestatie Participatiewet en IOAW-IOAZ