In deze verordening wordt verstaan onder:
markt: de goederenmarkt, die op de daartoe aangewezen dag en plaats wordt gehouden;
staanplaats: een aan de belastingplichtige ter beschikking gestelde plaats op de markt;
vaste plaats: een plaats die per kalenderjaar of per seizoen ter beschikking wordt gesteld;
dagplaats: een staanplaats, niet zijnde een vaste plaats;
seizoen: een periode waarin een seizoensgebonden artikel wordt verkocht;
dag: een periode van 24 aaneengesloten uren, aanvangende te 0.00 uur;
kwartaal: een periode van drie aaneengesloten kalendermaanden.