Onverminderd het bepaalde in artikel 6 is het verbod om persoonsgegevens als bedoeld in artikel 16 van de wet te verwerken niet van toepassing voor zover:
dit geschiedt met expliciete en uitdrukkelijke toestemming van de betrokkene;
de gegevens door de betrokkene duidelijk openbaar zijn gemaakt;
dit noodzakelijk is voor de vaststelling, de uitoefening of de verdediging van een recht in rechte van de betrokkene;
dit noodzakelijk is ter verdediging van de vitale belangen van de betrokkene of van een derde en het vragen van diens uitdrukkelijke toestemming onmogelijk blijft;
dit noodzakelijk is ter voldoening aan een volkenrechtelijke verplichting;
dit noodzakelijk is met het oog op een zwaarwegend algemeen belang, passende waarborgen worden geboden ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer en dit bij wet wordt bepaald dan wel het CBP ontheffing heeft verleend. Het CBP kan bij de verlening van ontheffing beperkingen en voorschriften opleggen;
de gegevens worden verwerkt door het CBP of een Ombudsman als bedoeld in artikel 9:17 van de Algemene wet bestuursrecht en dit noodzakelijk is met het oog op een zwaarwegend algemeen belang, voor de uitvoering van de hun wettelijk opgedragen taken en bij die uitvoering is voorzien in zodanige waarborgen dat de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene niet onevenredig wordt geschaad.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 7.
Voorwaarden verwerking van bijzondere persoonsgegevens
Onderdeel van Privacy protocol Sociaal domein gemeente Waterland 2015