Naar hoofdinhoud
1.. Het college ziet toe op de naleving van de bij of krachtens hoofdstuk 2 gestelde regels. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de ambtenaren van de Gemeentelijke Gezondheidsdienst, de dienst Algemene en Publiekszaken, de dienst Brandweer en Rampenbestrij­ding en de dienst Stedelijke Ontwikkeling en Beheer. 2.. Voorzover een kindercentrum of een gastouderbureau in een woning is geves­tigd, zijn de toezichthouders ter uitvoering van de taken, bedoeld in het eerste lid, bevoegd met toestemming van de bewoners in die woning of met een schrif­telijke machtiging tot binnentreden. Hierbij dient de Algemene wet op het bin­nentreden in acht genomen te worden. 3.. De regels omtrent toezicht zoals geregeld in afdeling 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel