Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6

Artikel 27

Bijdrage en vergoeding

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Werksaam Westfriesland

Eerste lid: Met het solidariteitsprincipe wordt bedoeld: de taakuitvoering gebeurt binnen de door de gemeenten gezamenlijk beschikbaar gestelde financiële middelen voor zover dit binnen de wetgeving mogelijk is (bedrijfsplan). Tweede lid onder a: Het instellen van een integratieuitkering sociaal domein door het rijk betekent een ontschotting van de huidige regelingen voor het Participatiebudget en de Wsw. Als gevolg hiervan kunnen de gemeenten in het door hen beschikbaar budget (rijksbijdrage) individuele afwegingen maken. Tweede lid onder b: de structurele financiële bijdrage die aan gemeenten wordt gevraagd voor dekking van het apparaatsdeel is gebaseerd op de zero based benadering en daarbij vermelde uitgangspunten. Deze benadering gaat uit van wat WerkSaam nodig heeft qua formatie en personele en materiële overhead om de overgedragen taken uit te voeren. Derde lid: WerkSaam raamt lasten in de exploitatiebegroting voor het laten functioneren van de organisatie. Deze lasten bestaan uit personeel, overhead (zoals huisvesting en ICT) en kosten voor de bedrijfsvoering. Deze lasten worden geduid als apparaatskosten. De gemeentelijke bijdrage voor dekking van de apparaatskosten is gebaseerd op een verdeelsleutel. De verdeelsleutel wordt tevens gehanteerd bij het verrekenen van een financieel saldo op de apparaatskosten (zie artikel 29). De verdeelsleutel is de procentuele bijdrageverhouding tussen gemeenten. De aard van de verdeelsleutel ligt langjarig vast (de verdeelmaatstaf), de berekening (percentages) wordt jaarlijks gemaakt op de volgende wijze: Aantal bijstandsgerechtigden: gemiddelde van het aantal bijstandsgerechtigden per gemeente uit de landelijke CBS databank met als peiling de drie voorgaande jaren (50%); Aantal inwoners: situatie op 1 januari (25%); Uitvoeringkosten (25%): Door gemeenten opgegeven omvang van formatie en inhuur/uitbesteding per begrotingsjaar 2013 voor de taken die worden opgedragen aan WerkSaam. Dit onderdeel wordt niet aangepast. Vierde en vijfde lid: het realiseren van commerciële activiteiten is in het belang van WerkSaam. De toegevoegde waarde bestaat uit de netto opbrengst uit commerciële activiteiten voor gemeenten en bedrijven. Een deel van de omzet is gerelateerd aan de gemeentelijke opdrachten (45%). Dit kan fluctueren. Een vermindering van de opdrachtvolume door een gemeente betekent dat er een kleinere dekking is voor de apparaatskosten. Dat betekent dat mogelijk alle gemeenten via de verdeelsleutel een hogere bijdrage moeten betalen. Om dit te voorkomen spreken de gemeenten onderling een verdeling vast. Op het moment dat een gemeente in een jaar onder het minimum zit dan wordt dit met die gemeente verrekend. Dit noemen we de bonus/malus-regeling. Doel hiervan is om een hogere of lagere omzet per gemeente te verrekenen. Als je minder realiseert dan het normbedrag betaal je 50% van het verschil. Als je meer dan het normbedrag realiseert dan ontvang je naar onderlinge evenredigheid het verschil terug. Bij het bepalen van de bonus/malus-regeling wordt rekening gehouden met de social return inspanningen van de gemeenten ten behoeve van de doelgroep. In 2014 wordt hiermee proefgedraaid. Op basis van de uitkomsten van de proefperiode wordt de bonus/malus-regeling met de start van WerkSaam op 1 januari 2015 ingevoerd. Belangrijk is dat wordt afgesproken wat de totale opdrachtvolume is. Historisch gezien is dit 3,5 miljoen euro. Op basis hiervan wordt een normbedrag per gemeente vastgesteld. Hierin zitten gemeentelijke opdrachten die een feitelijke toegevoegde waarde voor WerkSaam hebben. De bepaling voor het normbedrag is gebaseerd op de begrote omzetvolume (3,5 miljoen euro) en een verdeling over gemeenten op basis van de WSW-taakstelling (aantal WSW-ers per gemeente). Deze normbedragen worden voor drie jaar vastgesteld en daarna herijkt. Over dit artikel worden afspraken gemaakt in de regeling “Bijdrage gemeenten aan commerciële activiteiten”.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel