**1..** Het incidenteel persoonsgebonden budget voor vervoersvoorzieningen, roerende woonvoorzieningen en rolstoelen wordt vastgesteld overeenkomstig de bruikleenvergoeding die de gemeente aan haar leverancier verschuldigd zou zijn voor de goedkoopst adequate voorziening inclusief standaardaanpassingen. De hoogte wordt bepaald op 72 x het maandelijkse huurbedrag. Voor individuele aanpassingen aan de vervoersvoorziening of rolstoel wordt een aanvullend eenmalig pgb verstrekt.
**2..** Het persoonsgebonden budget voor voorzieningen van niet bouwkundige of niet-woontechnische aard wordt vastgesteld voor een periode overeenkomend met de normale afschrijvingstermijn die, voor zover van toepassing, geldt voor de met het pgb te verwerven voorziening, met een maximum van 15 jaar.
**3..** Een eenmalig pgb wordt uitbetaald nadat de cliënt de facturen heeft overlegd aan de gemeente en deze de facturen heeft gecontroleerd en akkoord heeft bevonden.