**1..** Alle begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de Gemeentewet en het Burgerlijk Wetboek (BW).
**2..** In de beleidsregel wordt verstaan onder:
belanghebbende: de persoon die recht heeft op algemene bijstand op grond van de Participatiewet;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groesbeek;
geldlening: geldlening als bedoeld in artikel 50, lid 2 van de Participatiewet;
hoofdwoning: de woning zoals bedoeld in artikel 3, lid 6 van de Participatiewet, waar men feitelijk verblijft;
in aanmerking te nemen vermogen: de WOZ-waarde van de hoofdwoning met bijbehorend erf verminderd met de openstaande hypotheek en de vrijlating zoals genoemd in artikel 34 Participatiewet;
krediethypotheek: een zekerheidsrecht in de vorm van hypotheek indien een inkomensvoorziening in de vorm van een geldlening wordt verleend op grond van artikel 50 van de Participatiewet;
pandrecht: een zekerheidsrecht waarmee een roerende zaak of een vordering bezwaard kan worden, indien een inkomensvoorziening in de vorm van een geldlening wordt verleend op grond van artikel 50 van de Participatiewet;
rente: de enkelvoudige wettelijke rente.
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregel krediethypotheek en pandovereenkomst 2015 gemeente Groesbeek