**1..** Het college kan besluiten om de aanvraag schuldhulpverlening af te wijzen. Het college doet dat in ieder geval als:
belanghebbende één of meerdere verplichtingen als genoemd in artikel 5, eerste en tweede lid niet of in onvoldoende mate is nagekomen;
belanghebbende voor de tweede keer niet is verschenen op een afspraak met de schuldhulpverlener zonder hierover vooraf te berichten;
er geen sprake is van een stabiel inkomen op minimaal de van toepassing zijnde bijstandsnorm;
belanghebbende niet bereid is de beschikbare afloscapaciteit in middelen en vermogen te gebruiken voor aflossing van zijn schulden;
belanghebbende niet heeft aangetoond gemotiveerd te zijn om de onderliggende oorzaak van de schulden te willen oplossen, bijvoorbeeld door de naar het oordeel van het college benodigde hulpverlening te zoeken en te aanvaarden;
belanghebbende zich misdraagt ten opzichte van medewerkers die zijn belast met de uitvoering van de schuldhulpverlening;
Belanghebbende in staat is om zijn schulden zelf te regelen;
Belanghebbende zich meldt voor schuldhulpverlening binnen 3 jaar na afwijzing van de WSNP tenzij de afwijsreden van de WSNP aanvraag ten tijde van een nieuwe aanvraag niet meer van toepassing is.
belanghebbende geen stabiele woon-of leefsituatie heeft en er geen zicht is op een verbetering van de situatie binnen 3 maanden;
belanghebbende een gezamenlijke huishouding voert met een niet rechtmatig in Nederland verblijvende partner en/of kinderen;
Belanghebbende bezig is met een echtscheidingsprocedure en de echtscheiding nog niet is opgenomen in de gemeentelijke basisadministratie;
Er sprake is van niet saneerbare vorderingen, waardoor naar het oordeel van het college geen succesvolle schuldregeling mogelijk is;
Belanghebbende fraude heeft gepleegd en wegens de fraude onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld of een onherroepelijk strafrechtelijke sanctie opgelegd heeft gekregen. De fraude betreft hierbij financiële benadeling van een bestuursorgaan. De fraude maakt onderdeel uit van de schulden.
Er sprake is van betwiste vorderingen en/of er een grote kans is op nieuwe vorderingen of schulden.
Belanghebbende niet tot de doelgroep behoort;
Belanghebbende ondernemer is, èn er geen sprake is van stabiele en voldoende inkomsten op minimaal de van toepassing zijnde bijstandsnorm, de boekhouding van de onderneming niet op orde is, en niet alle belastingaangiftes zijn gedaan;
Belanghebbende ex-ondernemer is én de boekhouding van de onderneming niet is afgerond en niet alle belastingaangiftes zijn gedaan over de periode dat de onderneming is gevoerd.
**2..** In afwijking van lid 1 van dit artikel kan het college besluiten om de producten a,c en j van artikel 4 lid 1 aan te bieden, ook als één of meer van de afwijzingsgronden genoemd onder lid 1 aan de orde zijn.
Hoofdstuk
Artikel 6.
Afwijzen aanvraag
Onderdeel van Beleidsregel Schuldhulpverlening gemeente Groesbeek 2015