Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2

Artikel 16

Zeer ernstige misdragingen

Onderdeel van Handhavings- en maatregelenverordening inkomensvoorzieningen 2015

1. Indien belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover personen en instanties die zijn belast met de uitvoering van de Participatiewet als bedoeld in artikel 9, lid 6, van deze wet, wordt een maatregel ter grootte van 50 % van de bijstandsnorm gedurende 1 maand opgelegd bij: a. het uitoefenen van fysiek geweld tegen materiële zaken; b. intimidatie; c. verbaal geweld, waaronder in ieder geval is begrepen schelden; d. discriminatie. 2. In afwijking van het vorige lid wordt een maatregel ter grootte van 100 % van de bijstandsnorm gedurende 1 maand opgelegd bij: a. het uitoefenen van fysiek geweld; b. mondelinge of schriftelijke bedreigingen. 3. De duur van de maatregel als bedoeld in lid 1 en lid 2 wordt verdubbeld, indien belanghebbende binnen 12 maanden na een vorige misdraging als vermeld in een van beide leden, zich opnieuw schuldig maakt aan een misdraging. 4. Bij volharding in misdragingen en voorts nadat twee eerdere maatregelen hiervoor zijn opgelegd, wordt in alle gevallen een maatregel ter grootte van 100% van de bijstandsnorm gedurende 3 maanden opgelegd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel