Naar hoofdinhoud
1.. De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. 2.. Indien het algemeen bestuur wijziging van de regeling wenselijk acht, doet het dagelijks bestuur het daartoe strekkend voorstel aan de deelnemers. 3.. In geval van opheffing van de regeling stelt het algemeen bestuur een liquiditeitsplan op dat voorziet in de verplichting van de deelnemers alle rechten, verplichtingen en vermogen van het openbaar lichaam over de deelnemers te verdelen op een in dit plan te bepalen wijze. Dit plan wordt vastgesteld door de deelnemers.. 4.. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie. 5.. Zo nodig blijft het algemeen bestuur functioneren tot de liquidatie voltooid is. 6.. Indien de regeling wordt opgeheven treedt het personeel dat in dienst is van het openbaar lichaam in dienst van de deelnemers.

Rechtspraak bij dit artikel