Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 7

Artikel 7.1

Zicht op inkomensverbetering

Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 Maassluis, Vlaardingen en Schiedam 2015

De aanvrager van een individuele inkomenstoeslag als bedoeld in artikel 36 van de wet wordt geacht uitzicht op inkomensverbetering te hebben wanneer de aanvrager een opleiding volgt die recht geeft op een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijs- en studiekosten (WTOS) of studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 (WSF 2000) en die leidt tot een opleidingsniveau dat niet eerder door de aanvrager is behaald, of in het kader van de uitvoering van de Re-integratieverordening Participatiewet 2015 is geoordeeld dat de aanvrager een geringe afstand tot de arbeidsmarkt heeft en derhalve in staat geacht wordt om binnen een jaar arbeid te aanvaarden, waarmee een inkomen van meer dan 110% van de toepasselijke bijstandsnorm bereikt kan worden, of door verwijtbaar eigen toedoen van de aanvrager een situatie ontstaan is van grote afstand tot de arbeidsmarkt, zoals omschreven in de Re-integratieverordening Participatiewet 2015, of de aanvrager een dienstverband heeft en de ontwikkeling van de arbeidsomvang, de ontwikkeling van de salariëring of de schaalindeling volgens de geldende CAO de verwachting rechtvaardigen dat een inkomen van meer dan 110% van de toepasselijke bijstandsnorm op termijn bereikt zal worden.

Rechtspraak bij dit artikel