Naar hoofdinhoud
1.. De vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies of een door de raad, gehoord het presidium, verklaarde buitengewone commissievergadering, bedoeld in artikel 14 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden is gelijk aan het door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor gemeenteklasse 5 vastgestelde maximum. 2.. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op degene die als lid van een commissie een vaste vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 96 van de Gemeentewet ontvangt. 3.. De vergoeding wordt slechts één maal per vergaderavond uitgekeerd. 4.. Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een commissie uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd; als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling, organisatie of groepering, tenzij zijn lidmaatschap van de commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang dient. 5.. De raad kan in afwijking van het bepaalde in het eerste lid een hogere vergoeding vaststellen, zulks tot ten hoogste 180% van het in het eerste lid bedoelde bedrag van de vergoeding, ten aanzien van een lid van een commissie die op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie voor deelname aan haar werkzaamheden is aangetrokken, en een lid van een commissie ten aanzien waarvan de vergoeding niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en de omvang van de door hem te verrichten arbeid. 6.. Tot diegenen bedoeld in het vijfde lid, behoren de leden van de volgende commissies die een vergoeding van 150% van het in het eerste lid bedoelde bedrag van de vergoeding ontvangen: Commissie Bezwaar- en beroepschriften; Bezwarencommissie Personele Aangelegenheden; Bezwaarschriftencommissie Sociale Voorzieningen; Rekenkamercommissie; Paritaire commissie. 7.. De voorzitters van de in het zesde lid genoemde commissies alsmede de voorzitter(s) van de Adviesraad sociaal domein en de Adviescommissie Toegankelijkheid ontvangen een vergoeding van 180% van het in het eerste lid bedoelde bedrag van de vergoeding. 8.. Aan de leden van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit wordtovereenkomstig het bepaalde in het vijfde lid, een uurloon uitbetaald ter hoogte van het architectenhonorarium vastgesteld door de Bond van Nederlandse Architecten, welk uit te keren bedrag voor BTW-plichtigen wordt vermeerderd met het hierover verschuldigde BTW-tarief.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel