Niet tot de middelen van de belanghebbende, zoals bedoeld in artikel 31, tweede lid onder m van de wet, wordt gerekend een vergoeding voor immateriële schade tot het maximale bedrag zoals genoemd in artikel 1 van de ministeriële Regeling maximumbedragen uitkeringen schadefonds geweldsmisdrijven.
Bij een vergoeding voor zowel immateriële- als materiele schade dient belanghebbende aan de hand van een schadestaat aan te tonen hoe de verdeling is van de schadevergoeding. Als belanghebbende niet over de informatie beschikt, waarmee hij de verdeling aan kan tonen, wordt de verdeling in redelijkheid door het college vastgesteld.
Bij een vergoeding voor zowel immateriële- als materiele schade dient belanghebbende aan de hand van een schadestaat aan te tonen hoe de verdeling is van de schadevergoeding. Als belanghebbende niet over de informatie beschikt, waarmee hij de verdeling aan kan tonen, wordt de verdeling in redelijkheid door het college vastgesteld.
Bij het bepalen van een redelijke termijn wordt rekening gehouden met de aard van het te vervangen goederen en de individuele omstandigheden van belanghebbende en diens gezin.
Voor zover een vergoeding van materiele kosten niet gerekend kan worden tot de kosten bedoeld in het tweede lid, wordt de vergoeding niet tot de middelen gerekend, zoals bedoeld in artikel 31, tweede lid onder m van de wet, voor zover belanghebbende in redelijkheid heeft aangetoond dat de kosten gemaakt zijn. Als het kosten betreft die gerekend worden tot de kosten van het levensonderhoud, waarin de algemene bijstand voorziet, worden alleen de meerkosten niet tot de middelen gerekend.
Indien de immateriële schadevergoeding hoger is dan het maximum bedrag genoemd in artikel 1 van de ministeriële Regeling maximumbedragen uitkeringen schadefonds geweldsmisdrijven, wordt op individuele gronden bepaald of een hogere vrijlating uit een oogpunt van bijstandsverlening verantwoord is.
Een schadevergoeding voor het verlies aan arbeidsvermogen, bestemd voor een periode waarover algemene bijstand is verstrekt wordt niet vrijgelaten, maar aangemerkt als inkomen om te kunnen voorzien in de kosten van levensonderhoud en wordt toegerekend naar de maanden waarop de vergoeding betrekking heeft.
Bij een vergoeding voor zowel immateriële- als materiele schade dient belanghebbende aan de hand van een schadestaat aan te tonen hoe de verdeling is van de schadevergoeding. Als belanghebbende niet over de informatie beschikt, waarmee hij de verdeling aan kan tonen, wordt de verdeling in redelijkheid door het college vastgesteld.
Artikel 2.2.3 Vrijlating vergoeding voor toegebracht leed en financiële schade
Artikel 2.2.3 Vrijlating vergoeding voor toegebracht leed en financiële schade
Onderdeel van Beleidsregels gemeentelijke werk- en inkomensvoorzieningen Zaanstad 2015