**1..** Als de belanghebbende de verplichtingen voortvloeiend uit de Participatiewet, IOAW, IOAZ of het Bbz niet nakomt, dan wel naar het oordeel van het college tekortschietend besef van verantwoordelijkheid betoont voor de voorziening in het bestaan, wordt overeenkomstig deze verordening een maatregel opgelegd.
**2..** Een maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de omstandigheden waarin de belanghebbende verkeert.
**3..** In afwijking op het tweede lid, wordt de maatregel als gevolg van schending van de verplichtingen genoemd in artikel 9, lid 4, afgestemd op de omstandigheden van belanghebbende en diens mogelijkheden om middelen te verwerven, indien het college van oordeel is dat dit, gelet op bijzondere omstandigheden, dringende redenen daartoe noodzaken.
Hoofdstuk 1
Artikel 2
Het opleggen van een maatregel
Onderdeel van Verordening maatregelen Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2017