Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 14.

Vergunning voor beschermde monumenten

Onderdeel van Erfgoedverordening Gemeente Zutphen 2013

1.. Het bevoegd gezag zendt een afschrift van de ontvankelijke aanvraag om vergunning voor een beschermd monument en/of een pand en/of terrein in een rijksbeschermd stadsgezicht aan de CRKC, respectievelijk tot het moment van instellen de monumentencommissie. 2.. Na de datum van verzending van het afschrift adviseert de CRKC, respectievelijk tot het moment van instellen de monumentencommissie schriftelijk over de aanvraag: binnen acht weken, indien voor de aanvraag de uniforme openbare voorbereidingsprocedure moet worden doorlopen; binnen vier weken, indien voor de aanvraag de reguliere voorbereidingsprocedure moet worden doorlopen 3.. Indien de CRKC, respectievelijk tot het moment van instellen de monumentencommissie niet binnen de in het tweede lid gestelde termijnen gemotiveerd heeft geadviseerd, wordt het monumentenadvies van het college gevolgd. 4.. Het bevoegd gezag stelt bij een aanvraag vergunning voor een beschermd monument en/of een pand en/of terrein in een rijksbeschermd stadsgezicht eisen aan de deskundigheid en uitvoering van onderzoek.

Rechtspraak bij dit artikel