Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 21.

Instandhoudingbepaling

Onderdeel van Erfgoedverordening Gemeente Zutphen 2013

1.. Het is verboden om in een gemeentelijk (archeologisch) monument, bedoeld in artikel 1, onder a of in een (bijzonder) archeologisch (verwachting)waardengebied, bedoeld in artikel 1, onder c, f, g of h, de bodem te verstoren. 2.. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien; het een verstoring betreft van een gemeentelijk of beschermd (archeologisch) monument of archeologisch waarden- of (bijzonder) verwachtingsgebied als aangegeven op de gemeentelijke archeologische waardenkaart, en waarbij die verstoring plaatsvindt: in een gebied binnen de grens van de binnenstad met een zeer hoge, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 5 m² en de verstoring niet dieper is dan 30 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied binnen de grens van de binnenstad met een hoge, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 10 m² en de verstoring niet dieper is dan 30 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied binnen de grens van de binnenstad met een middelhoge, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 100 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied binnen de grens van de binnenstad met een lage, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 10.000 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau); in een gebied binnen de grens van de binnenstad met een middelhoge, verwachte waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 500 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied binnen de grens van de binnenstad met een lage, verwachte waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 10.000 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau, bouwen op funderingspalen inbegrepen); in een gebied binnen en buiten de grens van de binnenstad met de bijzondere archeologische verwachtingswaarde IJsselbedding en het te verstoren gebied kleiner is dan 1.000 m² en de verstoring niet dieper is dan 5,50 meter + NAP. Bovendien gelden hier de voorschriften van de gecombineerde waarde of verwachtingswaarde; in een gebied buiten de grens van de binnenstad met een zeer hoge, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 5 m² en de verstoring niet dieper is dan 30 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied buiten de grens van de binnenstad met een hoge, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 50 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied buiten de grens van de binnenstad met een lage, bekende waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 10.000 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied dat is aangemerkt als verstoord; in een gebied buiten de grens van de binnenstad met een hoge, verwachte waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 50 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied buiten de grens van de binnenstad met een middelhoge, verwachte waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 500 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains; in een gebied buiten de grens van de binnenstad met een lage, verwachte waarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 10.000 m² en de verstoring niet dieper is dan 50 cm onder het maaiveld (straat- of terreinniveau). Deze vrijstelling geldt niet voor verstoringen in kelders of souterrains. in het geldend bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg. er sprake is van een activiteit als bedoeld in artikel 2.12, eerste en tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en hierin voorschriften zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg. het college nadere regels stelt met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring van een gemeentelijk of beschermd (archeologisch) monument of archeologisch waarden- of (bijzonder) verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke archeologische waardenkaart. een rapport is overgelegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of in het geheel geen archeologische waarden aanwezig zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel