Naar hoofdinhoud

Artikel 22

Verbodsbepaling

Onderdeel van nr 07.02 Monumentenverordening Zevenaar 2004

Het is verboden bouwwerken die zijn gelegen in een beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht te beschadigen of te vernielen. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van het college of in strijd met de bij de vergunning gestelde voorwaarden een bouwwerk in een beschermd gemeentelijke stads- en dorpsgezicht: te verstoren, te plaatsen, op te richten, geheel of gedeeltelijk af te breken, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen; een bouwwerk te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het stads-en dorpsgezicht wordt ontsierd of in gevaar gebracht; onroerende zaken, geen bouwwerk zijnde, hieronder begrepen straten, wegen, pleinen, wateren en erfafscheidingen -niet zijnde een bouwwerk- te wijzigen. In een gebied dat is aangewezen als een beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht en waarvoor nog geen beschermend bestemmingsplan als bedoeld in artikel 18, eerste lid onherroepelijk is geworden, is het verboden bouwwerken en andere werken te plaatsen, op te richten, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen zonder vergunning van het college; het verbod als bedoeld in het tweede lid is van overeenkomstige toepassing. Ingeval van gehele of gedeeltelijke afbraak als bedoeld in het tweede lid, kan de vergunning worden geweigerd, wanneer onvoldoende is verzekerd dat vervangende nieuwbouw past in de karakteristiek van het beschermde stads- of dorpsgezicht. Er is geen vergunning vereist voor het afbreken ingevolge een aanschrijving van het college; Op de behandeling van aanvragen om een vergunning zijn de artikelen 13, 14, eerste en tweede lid, 15 en 16 van overeenkomstige toepassing. HOOFDSTUK 6 DE BESCHERMING VAN ARCHEOLOGISCH GEVOELIGE GEBIEDEN EN ARCHEOLOGISCHE MONUMENTEN

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel