ervan
Het is verboden de openbare plaats anders te gebruiken dan overeenkomstig de
publieke functie daarvan, als:
het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de
bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een
belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;
het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet
aan redelijke eisen van welstand.
Het gebruik gevaar oplevert voor personen en/of zaken.
Het bevoegd bestuursorgaan kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere
regels stellen ten aanzien van terrassen. Uitstallingen en reclameborden.
Het bevoegd bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het in het eerste lid
bedoelde gebruik, voor zover dit een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2:2, eerste lid,
onder j. of k. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Het verbod in het eerste lid geldt niet voor:
evenementen als bedoeld in artikel 2:16;
standplaatsen als bedoeld in artikel 5:18.
Het verbod in het eerste lid van dit artikel geldt niet voor zover in het daarin geregelde
onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, artikel 5 van de
Wegenverkeerswet, of het Provinciaal wegenreglement.
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
HOOFDSTUK 2. › AFDELING 1.
Artikel 2:5
Het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in strijd met de publieke functie
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Velsen 2009 (6e wijziging)