Onverminderd het bepaalde in de Ambtelijke organisatieverordening, de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het directieteam en met inachtneming van de bevoegdheden van de afdelingshoofden, heeft de secretaris de eindverantwoordelijkheid voor:
a. een voldoende kwaliteit van de ambtelijke advisering en ondersteuning van de bestuursorganen;
b. het tijdig en voldoende voorzien van de bestuursorganen van de nodige ambtelijke adviezen en ondersteuning;
c. een voldoende planning van activiteiten en de uitvoering daarvan met inachtneming van het ter zake vastgestelde beleid;
d. de samenhang alsmede een voldoende gecoördineerd en geïntegreerd handelen van de onderscheiden onderdelen;
e. een goede kwaliteit van het management en de organisatie van het ambtelijk apparaat;
f. het op doelmatige wijze ter zijde staan van de bestuursorganen door het ambtelijk apparaat.