Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 12

Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid

Onderdeel van Verordening bestrijding misbruik, maatregelen en boeten Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Hellendoorn 2015

1.. Een verlaging wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet wordt afgestemd op het benadelingsbedrag. 2.. Op grond van het eerste lid wordt bij het verliezen van een voorliggende voorziening wegens verrekening van de bestuurlijke boete de maatregel als volgt vastgesteld: bij de hoogte van bijstandsverlening tot € 5.000: 10 procent van de bijstandsnorm; bij de hoogte van bijstandsverlening van € 5.000 tot € 10.000: 20 procent van de bijstandsnorm; bij de hoogte van bijstandsverlening van € 10.000 tot € 20.000: 40 procent van de bijstandsnorm; bij de hoogte van bijstandsverlening van € 20.000 tot € 30.000: 60 procent van de bijstandsnorm; bij de hoogte van bijstandsverlening van € 30.000 tot € 40.000: 80 procent van de bijstandsnorm; bij de hoogte van bijstandsverlening van meer dan € 40.000: 100 procent van de bijstandsnorm. 3.. Als de gevestigde zelfstandige voorafgaand aan de aanvraag Bbz 2004 tekortschietend besef van verantwoordelijkheid heeft betoond als bedoeld in artikel 18, tweede lid van de wet, wordt als maatregel artikel 21, eerste en tweede lid Bbz 2004 niet toegepast (kapitaal – en rentereductie).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel