Naar hoofdinhoud
Deze verordening kan aangehaald worden als de “Verordening geurhinder en veehouderij”. Ter onderbouwing van de in onder 2 vermelde Verordening te hanteren de eerder vastgestelde Evaluatie gebiedsvisie ten behoeve van de Verordening geurhinder en veehouderij voor de gemeente Deurne van 26 maart 2010; te bepalen dat op aanvragen van agrarische bedrijven die zich bevinden in de rood gemarkeerde gebieden aangegeven op de bij dit besluit horende kaart 3, de kernen, de bebouwde kommen en de kernrandzones het aanhoudingsbesluit van 7 oktober 2014 van kracht blijft tot het in werking treden van een verordening als bedoeld in artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij, of tot de intrekking van het Aanhoudingsbesluit; te bepalen dat een vergunningaanvraag voor een innovatieve ontwikkeling en substantieel bijdraagt aan de verlaging van geurbelasting afzonderlijk aan de raad worden voorgelegd, teneinde te beoordelen of het intrekken van het Aanhoudingsbesluit op deze locatie gerechtvaardigd is; te bepalen dat op aanvragen van pelsdierhouderijen in Deurne, aangegeven in bijlage 5, het aanhoudingsbesluit van 7 oktober 2014 van kracht blijft tot het in werking treden van een verordening als bedoeld in artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij, of tot de intrekking van het Aanhoudingsbesluit. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 11 november 2014. De griffier, R.J.C.M. Rutten De voorzitter, H.J. Mak

Rechtspraak bij dit artikel