**1..** Het college kan besluiten om af te zien van handhavend optreden als blijkt dat een houder van een kinderopvangvoorziening of een peuterspeelzaal niet voldoet aan één of meer kwaliteitseisen van de Wko en alle daaruit voortvloeiende regelgeving.
**2..** Als het college besluit om af te zien van handhavend optreden dan kunnen de volgende acties op de overtreding worden ondernomen:
niet handhaven;
waarschuwing;
overleg en overreding.
**3..** Bij het geven van een waarschuwing gelden de volgende hersteltermijnen:
prioriteit hoog: maximaal 3 maanden na de datum van inspectie;
prioriteit gemiddeld: maximaal 10 maanden na de datum van inspectie;
prioriteit laag: maximaal 10 maanden na de datum van inspectie.
**4..** Het college deelt schriftelijk aan de houder mee welke actie is ondernomen en indien van toepassing binnen welke termijn de overtreding ongedaan moet zijn gemaakt.
**5..** Het college kan afzien van de acties genoemd in het tweede lid, indien de GGD hiertoe adviseert op basis van de uitkomst van de door haar uitgevoerde inspecties.
**6..** De duur van de hersteltermijn is afhankelijk van de prioriteit die is toegekend aan de betreffende kwaliteitseis zoals opgenomen in het afwegingsoverzicht.
Hoofdstuk 2
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van B eleidsregels toezicht en handhaving Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen gemeente Deventer 2014