Voorheen had de gemeente de bevoegdheid een financiële tegemoetkoming te verstrekken als de cliënt niet in staat was of geen gebruik wenste te maken van het collectief vervoer met de regiotaxi. Dit werd uitgedrukt in een vast bedrag per jaar. De Wmo 2015 biedt echter geen ruimte meer tot het verstrekken van een financiële tegemoetkoming in de kosten van vervoer. Een maatwerkvoorziening kan alleen maar in natura of in een pgb.
Een pgb voor gebruik van eigen van eigen auto, van een taxi of het gebruik van een rolstoeltaxi is slechts mogelijk indien de cliënt medisch en/ of gedragsmatig niet in staat is gebruik te maken van het collectief vervoer met de regiotaxi. Hiervoor is een onderbouwing met een advies van een arts of gedragsdeskundige noodzakelijk.
Iedereen, dus ook valide personen hebben vervoerskosten en dat betekent dat de Wmo slechts voorziet in de meerkosten die gepaard gaan bij het vervoer van de cliënt op grond van zijn/ haar beperkingen. Dit impliceert dat niet alle vervoerskosten worden vergoed.
Net als bij het collectief vervoer worden de maximale kilometerregels gehanteerd, zoals die volgens jurisprudentie toegepast kunnen worden om personen met beperkingen deel te kunnen laten aan het sociale leven.
Voor regulier taxivervoer wordt de kilometervergoeding gehanteerd zoals die algemeen maatschappelijk wordt toegepast door de belastingdienst.
Voor rolstoeltaxivervoer wordt de kilometervergoeding gehanteerd zoals die wordt toegepast door de zorgverzekeraars voor medische ritten. De maximale bedragen zijn vastgelegd in het Besluit 2015.
Indien de cliënt aangeeft zeer veel medische ritten te moeten maken en dat daarmee 2000 km niet volstaat, moet er eerst een beroep gedaan worden op de kilometervergoeding die door de zorgverzekeraar wordt betaald. De klantmanager vraagt medisch advies om de aangegeven extra medische ritten te onderbouwen.
Deel 2 › Hoofdstuk 11
Artikel 11.7
Gebruik eigen auto, taxi of rolstoeltaxi
Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015