Naar hoofdinhoud

Deel 2 › Hoofdstuk 15

Artikel 15.2.2

Procedure BW

Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015

Voordat beschermd wonen in beeld komt, moet er door de gemeente goed geïnventariseerd zijn of iemand niet ambulant ondersteund kan worden in de gemeente Ridderkerk. Tevens moet er gekeken te worden naar andersoortige voorzieningen zoals de Wet Langdurige zorg of de zorgverzekeringswet. Het verdient de voorkeur dat alle meldingen zoveel mogelijk via de Wmo van de gemeente Ridderkerk lopen. A Uitgangspunten Inzet eigen kracht en sociaal netwerk van de burger staan centraal. Professionele ondersteuning is aanvullend op de mogelijkheden die cliënten zelf, al dan niet met behulp van hun sociaal netwerk en naaste omgeving, hebben. Er wordt voor aanvullende ondersteuning zoveel mogelijk aansluiting gezocht en gemaakt met het wijknetwerk; De samenwerkende gemeenten willen ontwikkeling en beweging richting zelfredzaamheid van de cliënt realiseren waar dat mogelijk is. Uiteindelijk doel is zo veel mogelijk zelfredzame inwoners, die zonder of met lichtere vormen van ondersteuning van de overheid zelfstandig kunnen blijven wonen of weer zelfstandig gaan wonen. Voor wie dat niet mogelijk is, is (aanvullend) professionele ondersteuning beschikbaar; Eén gezin, één plan, één regisseur. De ondersteuning aan een cliënt is integraal vormgegeven en wordt vanuit één aanbieder (of in sommige gevallen door het wijkteam) gecoördineerd. Basis voor de ondersteuning is het ondersteuningsplan. B Inschatting Er wordt een eerste inschatting gemaakt op basis van de volgende criteria:: Leeftijd 18+; Nederlander of een status gelijkgesteld daaraan; Regiobinding; Geen alternatieve voorzieningen die vanuit andere financieringsbronnen (bijv. WLz en Zvw) beschikbaar is en beter passend bij de aard van de problematiek van de cliënt; Problematiek (GGZ) zodanig dat intramurale begeleiding noodzakelijk is. Verblijf wordt geïndiceerd als de ondersteuning voor de cliënt noodzakelijkerwijs samen gaat met een beschermde woonomgeving en/of een therapeutisch leefklimaat en/of permanent toezicht. Het betreft hier psychische en/of psychiatrische problematiek, waar mogelijk onderbouwd met een formele DSM diagnose. Als een persoon dan aangewezen blijkt op beschermd wonen, kan hij/ zij door middel van een formulier “melding nieuwe aanvraag Wmo 2015” aangemeld worden bij het stedelijk loket van de gemeente Rotterdam die het Wmo onderzoek verder zullen voortzetten en indiceren. Doorverwijzingen vanuit de gezondheidszorg (GGZ, eerste lijn) spelen bij Beschermd Wonen een grote rol. C Intake / melding Voor cliënten BW is er de mogelijkheid dat zij vanuit de Wmo van de gemeente Ridderkerk direct worden doorverwezen voor vraagverheldering en indicatiestelling. De stedelijke toegang Centraal Onthaal Volwassenen en Centraal Onthaal Jongeren (COV en COJ) in Rotterdam is er voor de Maatschappelijke Opvang (MO), maar zal ook als een soort “vindplaats” gaan fungeren voor cliënten BW. Verzoeken voor plaatsing in BW zullen voornamelijk plaatsvinden via huisarts, klinieken, vraagwijzers en Wmo loketten; Aanvragen voor Beschermd Wonen kunnen (op verzoek van de burger) alleen ingediend worden door erkende verwijzers uit centrum- en regiogemeenten. Dit zijn: (a) aanbieders gespecialiseerde GGz, inclusief PAAZ, (b) Aanbieders RIBW (inclusief MO instellingen die BW aanbieden), (c) GGD, dwz hulpverleners van de geïntegreerde voorzieningen en (d) beroepsbeoefenaren basis- of gespecialiseerde GGz via de gemeentelijke WMO lokette; Het proces is zoveel mogelijk afgestemd op de uniforme werkwijze van MO De gemeente Rotterdam, i.c. de afdeling Stedelijke Zorg waar ook Centraal Onthaal onder valt, organiseert de administratieve intake van al deze vragen, verzoeken, aanmeldingen. De start van de onderzoek / melding fase in de Wmo is maximaal 6 weken. Dit benadrukt de noodzaak van snelle doorverwijzing. Doorverwijzing vindt plaats via een contactformulier / format op grond van vastgestelde criteria. Wel moet vooraf duidelijk worden gesteld dat de cliënt dient mee te werken aan de brede vraagverheldering. De ZRM (zelfredzaamheidsmatrix) is hierin één van de instrumenten. D Indicatiestelling De uitkomst van de vraagverheldering leidt binnen 6 weken tot een ondersteuningsplan en aanvraag voor indicatiestelling. De Wmo geeft dan 2 weken de tijd om tot een indicatiebesluit te komen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een indicatieprotocol inzake de 2e lijns ondersteuningsarrangementen Wmo. Om te komen tot een goed inhoudelijk indicatieadvies, is er soms een multidisciplinaire bespreking van het concept ondersteuningsplan met relevante zorginstellingen, gezien hun inhoudelijke expertise E Besluitvorming De daadwerkelijke besluitvorming op de indicatiestellingen is apart gesteld. Er komt daarmee een scherpe scheiding tussen de inhoudelijke bespreking van het ondersteuningsplan en het formele besluit voor de indicatie voor een integraal ondersteuningsarrangement. De gemeente neemt het formele besluit qua indicatie, onafhankelijk van de marktpartijen. De cliënt krijgt een indicatiebeschikking voor diens 2e lijns integrale ondersteunings-arrangement, waarin inzichtelijk is op de zeven resultaatgebieden wat is beoogd. De resultaatgebieden waarvoor een indicatie afgegeven kan worden, zijn: Sociaal en persoonlijk functioneren cliënt Ondersteuning en regie bij het voeren van een huishouden Financiën Dagbesteding Ondersteuning bij zelfzorg en gezondheid Huisvesting Mantelzorgondersteuning waarbij verblijf aan de orde is Een kopie van het indicatiebesluit van cliënten BW wordt naar de gemeente Ridderkerk gestuurd. Dit kan binnen de huidige privacy wetgeving. F Opdracht tot levering arrangement en betalen Tegelijkertijd met de beschikking aan de cliënt, krijgt de zorginstelling een leveringsopdracht om de zorg en ondersteuning te gaan leveren. De betaling van deze zorg vindt ook door de gemeente Rotterdam plaats, want zij krijgt de middelen van het Rijk m betalingen te doen. G Overbruggingszorg Gezien de beperkte capaciteit is intramurale zorg helaas niet altijd direct voorhanden op het moment van indicatie. De indicatiestelling beziet alleen welke ondersteuning er nodig is, en houdt geen rekening met de vraag of de benodigde ondersteuning aanwezig is of niet. Als de intramurale zorg niet beschikbaar is, wordt door de gemeente Rotterdam als indicatiesteller met de cliënt en zorgaanbieder (die is aangewezen voor de intramurale zorg) besproken hoe de wachttijd verantwoord te overbruggen. De zorg die de cliënt dan krijgt, heet 'overbruggingszorg'. Deze overbruggingszorg kan worden aangeboden door de eerder genoemde zorgaanbieder of bij een andere zorgaanbieder. In veel gevallen betreft de overbruggingszorg extramurale zorg. De financiering van de overbruggingszorg valt dan ook onder de verantwoordelijkheid van de centrumgemeente aangezien het overbruggingszorg betreft. H Forensische plekken BW Centrumgemeenten kopen plekken BW in en de Dienst Justitie en Veiligheid koopt ook plekken BW in, specifiek voor forensische zorg. Echter de titel forensiche zorg kan zeer snel vervallen en dan moet de forensische plek BW worden omgezet naar een gemeentelijke plek BW. Dit gaat buiten eventuele gemeentelijke wachtlijsten om. Hiervoor wordt in overleg met de VNG een procedure ontwikkeld. I Werkwijze bij bezwaarprocedure Bezwaar tegen advies en zorgtoewijzing is niet mogelijk. Tegen de beschikking toegang BW is bezwaar te maken  Deze bevoegdheid blijft bij de gemeente Ridderkerk.

Rechtspraak bij dit artikel