Naar hoofdinhoud

Deel 1 › Hoofdstuk 2

Artikel 2.5.1

De persoon met beperkingen is ingezetene van Ridderkerk

Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015

Dit is vastgelegd in de Wmo art. 1.2.1.a en 2.3.5.a Personen die ingeschreven staan in het bevolkingsregister van de gemeente Ridderkerk en feitelijk in Ridderkerk wonen, kunnen een Wmo ondersteuningsvraag indienen bij de gemeente Ridderkerk. Uit recente jurisprudentie is gebleken dat de persoon met beperkingen die niet ingeschreven staat, maar wel aantoonbaar en langdurig het hoofdverblijf heeft in de gemeente, ook in aanmerking kan komen voor een voorziening. Dit geldt echter niet voor een vakantiewoning. Bij twijfel of een woning voor permanente bewoning bestemd is kan het bestemmingsplan worden geraadpleegd. Let op: Bij verhuizing naar een andere gemeente moeten de voorzieningen worden teruggegeven. Uitzondering Een uitzondering hierop is het bezoekbaar maken van een woning. Bijvoorbeeld als een persoon met beperkingen die in een Wlz-instelling woont of daar het hoofdverblijf heeft, vaak op bezoek gaat bij een persoon die het hoofdverblijf in Ridderkerk heeft. De woning is bezoekbaar als de persoon met beperkingen de woning, de woonkamer en een toilet kan bereiken. Als de persoon die het hoofdverblijf in Ridderkerk heeft, geen eigenaar is van de aan te passen woning , kan het college zonder toestemming van de eigenaar deze woningaanpassing laten aanbrengen Dit is vastgelegd in de Wmo art. 2.3.7 Beperkingen Een Ridderkerker kan gebruik maken van een maatwerkvoorziening als hij/zij aantoonbare beperkingen heeft. De doelgroep voor het treffen van voorzieningen bestaat uit: mensen met een beperking in zelfredzaamheid en participatie; mensen met een chronisch psychisch probleem; mensen met een psychosociaal probleem. Het gaat om mensen met een lichamelijke, psychogeriatrische, verstandelijke, psychiatrische of zintuiglijke beperkingen. Het gaat hier in alle gevallen om kenmerken van een persoon. De persoon is bijvoorbeeld door ouderdom slecht ter been geworden, de persoon heeft van kinds af aan een zintuiglijke beperking of heeft door ziekte of door een ongeval functies verloren. Verlies van zelfredzaamheid en met name een gebrek aan participatie in het maatschappelijk verkeer kan ook een gevolg zijn van problemen die iemand heeft in zijn relatie met anderen, met zijn sociale omgeving. In dat geval is er sprake van een psychosociaal probleem.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel