Naar hoofdinhoud

Deel 1 › Hoofdstuk 3

Artikel 3.12.2

Verstrekking in een persoonsgebonden budget (pgb)

Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015

De wettelijke eisen om aan een pgb te voldoen zijn: de budgethouder of diens (wettelijk) vertegenwoordiger moet motiveren waarom hij de voorziening in de vorm van een pgb wil krijgen. budgethouder of diens (wettelijk) vertegenwoordiger moet een ondersteuningsplan overleggen waaruit minimaal het volgende blijkt: inzicht in de problematiek van de ondersteuningsvrager; de duur en wijze van de ondersteuning; het resultaat van het te behalen doel van de ondersteuning; welke evaluatiemomenten gedurende de duur van de ondersteuning. de budgethouder of diens (wettelijk) vertegenwoordiger moet in staat zijn om de voorziening zelf te organiseren. er worden voorwaarden gesteld aan de kwaliteit die mensen inkopen met een pgb. De budgethouder  moet aantonen dat het budget besteed wordt aan een maatwerkvoorziening die veilig, doeltreffend en cliëntgericht is. als de ondersteuning wordt geboden door een niet professioneel persoon uit de sociale omgeving, dient bij het te overleggen ondersteuningsplan een Verklaring omtrent gedrag (Vog) die niet ouder is dan drie maanden van deze persoon gevoegd te zijn. Maatwerkdiensten Als de voorziening in pgb wordt verstrekt geldt het zogenaamde trekkingsrecht. De gemeente maakt het geld niet over aan de budgethouder, maar aan de Sociale Verzekerings Bank (SVB) Zorgovereenkomsten vormen de basis van het beheren van een pgb. Zonder zorgovereenkomst is het niet mogelijk om dienstverleners te laten betalen uit een pgb. De SVB vraagt de zorgovereenkomst(en) op bij de budgethouder en controleert deze op arbeidsrechtelijke aspecten. De gemeente controleert deze contracten zorginhoudelijk. Nadat de zorgovereenkomst is goedgekeurd (door de SVB en de gemeente), kan de SVB betalingen doen aan de dienstverlener. Budgethouders moeten de SVB opdracht geven voor betalingen aan hun dienstverleners of instelling. Na verschillende controles betaalt de SVB de facturen van de dienstverlener of instelling. Betaling contant, per week of vierwekelijks is niet meer mogelijk. Dienstverleners worden (vooralsnog) maandelijks uitbetaald, op basis van urenbriefjes of facturen. De SVB stuurt gegevens over loonbetalingen door aan de Belastingdienst. Dat betekent dat de Belastingdienst op de hoogte is van de betalingen aan de dienstverlener. Zowel de budgethouder als de gemeente krijgt inzicht in de besteding van het pgb en ontvangen overzichten, waarin duidelijk wordt hoeveel van het pgb waaraan is besteed en wat er nog over is. Niet bestede bedragen worden teruggestort aan de gemeente. Woningaanpassingen en hulpmiddelen De SVB heeft de gemeente gemandateerd om de betaling en budgetbeheer uit te voeren voor die maatwerkvoorzieningen waarbij een eenmalige uitbetaling en controle aan de orde is. Dit is aan de orde wanneer het gaat om een pgb voor een woningaanpassing of een hulpmiddel dat eenmalig verstrekt wordt op grond van de afgegeven beschikking voor een maatwerkvoorziening. Het zou heel omslachtig zijn als één factuur via de SVB gecontroleerd en uitbetaald moet worden. De gemeente Ridderkerk heeft er voor gekozen om deze eenmalige betalingen van het pgb, na controle van de factuur en het betalingsbewijs rechtstreeks op de bankrekening van de cliënt of diens wettelijk vertegenwoordiger te storten. De cliënt of diens wettelijk vertegenwoordiger moeten de besteding van het pgb wél verantwoorden. Iedere budgethouder moet in verband met de bovenbedoelde controle de volgende stukken bewaren: de nota/factuur van de aangeschafte voorziening en de verzekering en onderhoud daarvan; een betalingsbewijs van aanschaf van de voorziening Is het pgb anders besteed dan bedoeld, dan kan het college overwegen het Pgb geheel of gedeeltelijk terug te vorderen. Daarbij is leidend of er opzet in het spel is geweest of onwetendheid. In die laatste situatie wordt overlegd hoe deze situatie in de toekomst vermeden wordt. Bij opzet in het niet naleven van de pgb-regels kan de gemeente de waarde van de genoten maatwerkvoorziening uitdrukken in een bedrag dat voor terugvordering in aanmerking komt.

Rechtspraak bij dit artikel