Naar hoofdinhoud

Deel 1 › Hoofdstuk 3

Artikel 3.14

Bezwaartermijn

Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015

Indien de cliënt of diens wettelijk vertegenwoordiger het niet eens is met een besluit van het college van burgemeester en wethouders heeft hij/zij het recht om een bezwaarschrift in te dienen. Een bezwaarschrift kan tot zes weken na dagtekening van de bestreden beschikking worden ingediend; daarna wordt het in principe niet-ontvankelijk verklaard. In het bezwaarschrift dient de cliënt of diens wettelijk vertegenwoordiger minimaal de NAW-gegevens van de cliënt te vermelden, alsmede de datum, een omschrijving van de bestreden beschikking en de gronden van het bezwaar. Bij een (wettelijke) vertegenwoordiging moet een bewijs van die machtiging bijgevoegd worden. In eerste instantie komt een bezwaarschrift binnen bij de postkamer. Hier wordt het bezwaarschrift ingeboekt, voorzien van een datumstempel en doorgestuurd naar de medewerker bezwaar. De afhandelingstermijn voor een bezwaarschrift is twaalf weken; eventueel verdaagd met vier weken. Met toestemming van de klant is hierna nogmaals een verlenging mogelijk.

Rechtspraak bij dit artikel