Binnen de triage wordt de melding gescreend en beoordeeld op aard, ernst van de problematiek en de risico’s worden in kaart gebracht. De screening gebeurt zorgvuldig door de professional met ondersteuning van een gedragsdeskundige en indien nodig en noodzakelijk een vertrouwensarts. Het doel van de triage is dat Veilig Thuis Rijnmond op basis van de inhoud van de melding en op basis van een integrale risicotaxatie tot een besluit komt over de noodzakelijke vervolgstappen naar aanleiding van de melding. Er zijn drie uitkomsten na de triage mogelijk:
De melding wordt alsnog omgezet naar een advies of ondersteuningstraject;
De melding wordt afgesloten;
De melding wordt overgedragen aan het gebiedsteam waarmee wordt overlegd over de uitvoering van de vervolgstappen, bijvoorbeeld het doen van uitgebreid onderzoek of inzetten van lokale of specialistische hulp.
De vervolgstappen die door medewerkers van het gebiedsteam gezet kunnen worden, zijn wettelijk vastgelegd en nader uitgewerkt in het landelijk handelingsprotocol. Voor de uitvoering van deze vervolgstappen hebben de medewerkers van Veilig Thuis wettelijke bevoegdheden tot hun beschikking Het Advies- en Meldpunt heeft de verantwoordelijkheid om na triage een terugkoppeling te geven aan de melder over wat er met de melding is gedaan.
De gebiedsteams Veilig Thuis
Het Advies- en Meldpunt is de centrale toegang van Veilig Thuis Rijnmond. Echter, de cliënt heeft ook de mogelijkheid om binnen te lopen bij een gebiedsteam met vragen, zorgen of behoefte aan bepaalde ondersteuning. Veilig Thuis Rijnmond is laagdrempelig voor de cliënt . Mocht het contact leiden tot een officiële melding, dan vindt er overleg plaats tussen het Advies- en Meldpunt en het gebiedsteam.
Deel 1 › Hoofdstuk 4
Artikel 4.6.1
Triage
Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015