Naar hoofdinhoud

Deel 2 › Hoofdstuk 9

Artikel 9.3

Logeeropvang vanuit de Zorgverzekeringswet en of Wet langdurige zorg

Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015

Respijtzorg en spoed is nader uitgewerkt in artikel 4.2 en 4.3. Veel ziektekostenverzekeringen hebben in hun (extra) aanvullende verzekeringspolissen opgenomen dat er een maximaal bedrag per jaar wordt vergoed aan respijtzorg. Dit wordt Vervangende mantelzorg in huis genoemd. De aanvullende verzekering valt niet onder de Zorgverzekeringswet en is hiermee ook geen wettelijk voorliggende voorziening. Het staat mensen vrij zich aanvullend te verzekeren of niet. De klantmanager Wmo onderzoekt of de cliënt een dergelijke ziektekostenpolis heeft en bespreekt of de vergoeding hieruit volstaat voor de persoonskenmerken en behoeften. De Collectieve Ziektekostenverzekering (CZM) die voor de minima in de gemeente bij CZ is afgesloten bevat in de extra uitgebreid polis. Op het moment dat de mantelzorger de zorg verleent in het kader van een pgb dat verstrekt is op grond van de Wlz is hij/zij geen mantelzorger meer. Hij/zij verricht de zorgtaken dan immers betaald. De respijtzorg moet dan uit dit pgb betaald worden. Tijdelijke voorzienbare respijtzorg in de Wmo is maximaal vier weken mogelijk als maatwerkvoorziening en wordt alleen in natura verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel