De wens van de cliënt speelt een rol in het proces naar het zoeken
van de goedkoopst adequate oplossingen voor de ervaren problemen,
maar is op zichzelf niet doorslaggevend. Objectieve factoren, zoals
leeftijd, de mate van beperkingen, het te verwachten toekomstig
dagelijks functioneren van de cliënt, de aanwezigheid en
belastbaarheid van mantelzorg en de kosten van de diverse
oplossingen spelen allemaal een rol in de uiteindelijke beoordeling.
Als de goedkoopst adequate oplossing niet de door de cliënt meest
gewenste oplossing zal zijn, betekent dit dat de Wmo-klantmanager
niet altijd de voorkeur van de cliënt kan volgen. Wmo-klantmanagers
adviseren binnen het kader van het gemeentelijke beleid.
Als de cliënt een andere maatwerkvoorziening wenst dan de
geïndiceerde maatwerkvoorziening, dan mag deze maatwerkvoorziening
niet duurder zijn dan de goedkoopst adequate oplossing van de
gemeente.
Wil de cliënt alsnog de duurdere voorziening, dan heeft hij met een
voorziening in pgb de mogelijkheid om de meerkosten zelf te betalen.
Deel 1 › Afdeling 2
Artikel 2.4
Wens van de cliënt
Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015