Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 11.

Over te leggen stukken / verlenging grafrecht particulier graf

Onderdeel van Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen

1.. Begraven mag slechts plaatsvinden indien van tevoren het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder. 2.. Indien de begraving in een particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd. Deze machtiging dient te zijn ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door de nieuw aangewezen rechthebbende. 3.. Begraving in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn. Deze verlenging betreft een zodanige periode dat de dan resterende uitgiftetermijn tenminste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. Het verzoek om verlenging dient te zijn ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door de nieuw aangewezen rechthebbende. 4.. De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren. 5.. De beheerder onderzoekt of de overgelegde stukken toereikend zijn.

Rechtspraak bij dit artikel