**1..** Het college en de burgemeester van elke deelnemende gemeente kunnen,
na vooraf verkregen instemming van de raad van die gemeente,
besluiten dat de deelneming aan deze regeling wordt opgezegd. De
raden van de overige gemeenten worden over de besluiten
geïnformeerd. Een dergelijk besluit kan voor de eerste keer worden
genomen drie jaar na de inwerkingtreding van deze regeling.
**2..** Een uittredingsbesluit gaat twee kalenderjaren na het verstrijken
van het jaar, waarin het besluit tot opzegging is genomen, in.
**3..** Alvorens de deelnemende gemeente tot besluitvorming komt, als
bedoeld in het 1e lid, wordt eerst over het voornemen overleg met de
andere deelnemende gemeenten gevoerd.
**4..** In het voornemen als bedoeld in het 1e en 3e lid worden de motieven
gegeven op grond waarvan de deelnemende gemeente wenst uit te
treden.
**5..** Het besluit als bedoeld in 1e lid wordt terstond ter kennis gebracht
van het Algemeen Bestuur.
**6..** Het Algemeen Bestuur regelt de financiële verplichtingen alsmede de
overige gevolgen van de uittreding.
**7..** Van elk besluit tot uittreding van een gemeente wordt terstond
kennis gegeven aan de overige deelnemende gemeenten en Gedeputeerde
Staten.
Hoofdstuk 10.
Artikel 34:
Uittreding
Onderdeel van 2eWijziging Gemeenschappelijke regeling Bestuursdienst Ommen-Hardenberg