**1..** Het college stemt de verlaging wegens tekortschietend besef van
verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan als bedoeld
in artikel 18, tweede lid, van de Participatiewet, af op het
benadelingsbedrag.
**2..** Het college stelt de verlaging vast op:
10 procent van de bijstandsnorm voor eenmaand bij een
benadelingsbedrag tot € 1.000,00;
20 procent van de bijstandsnorm voor een maand bij een
benadelingsbedrag van € 1.000,00 tot € 2.000,00;
50 procent van de bijstandsnorm voor een maand bij een
benadelingsbedrag van € 2.000,00 tot € 4.000,00;
100 procent van de bijstandsnorm voor een maand bij een
benadelingsbedrag vanaf € 4.000,00 tot € 8.000,00;
bij een benadelingsbedrag van € 8.000,00 tot € 12.000,00:
100 procent van de bijstandsnorm voor twee maanden;
bij een benadelingsbedrag van € 12.000,00 tot € 16.000,00:
100 procent van de bijstandsnorm voor drie maanden;
bij een benadelingsbedrag van € 16.000,00 tot € 20.000,00:
100 procent van de bijstandsnorm voor vier maanden;
bij een benadelingsbedrag vanaf € 20.000,00: 100 procent van
de bijstandsnorm voor vijf maanden. Iedere overschrijding
van het benadelingsbedrag van € 20.000,00 met € 4.000,00
leidt tot een verlenging van de verlaging met een
maand.
**3..** Als een belanghebbende alvorens een advocaat te raadplegen zich niet
heeft gewend tot het Juridisch Loket, is een verlaging van
toepassing ter hoogte van het bedrag van de verlaging van de eigen
bijdrage.
HOOFDSTUK 4
Artikel 13
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van AfstemmingsverordeningParticipatiewet, IOAW en IOAZ