Deze beleidsregel is van toepassing op bezwaarschriften gericht tegen beschikkingen
genomen op grond van een op de voet van artikel 219 van de Gemeentewet vastgestelde
verordening, waartegen ingevolge de wet de mogelijkheid van bezwaar is geopend en op
bezwaarschriften gericht tegen waardebeschikkingen, genomen op grond van de Wet
waardering onroerende zaken.