Naar hoofdinhoud
1.. De raad stelt, na overleg van het presidium met de rekenkamercommissie, de rekenkamercommissie de nodige middelen ter beschikking voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden. 2.. De rekenkamercommissie is bevoegd binnen de aan haar beschikbaar gestelde middelen uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken. 3.. Ten laste van de in het voorgaande lid bedoelde middelen worden de kosten gebracht van: vergoedingen aan de leden; de ambtelijk ondersteuner; externe deskundigen die eventueel door de rekenkamercommissie zijn ingeschakeld; eventuele overige uitgaven die de rekenkamercommissie nodig acht voor de uitoefening van haar taak. 4.. De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raad en verantwoordt de baten en lasten van het vorig begrotingsjaar in het jaarverslag aan de raad als bedoeld in artikel 21

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel