In aanvulling op artikel 2.3 van de wet kan een jeugdige in aanmerking komen voor opvang als de jeugdige;
feitelijk of residentieel dakloos is, al dan niet voorafgaand aan opname in een (psychiatrische) kliniek, of aan detentie, en
beperkt zelfredzaam is op meerdere door het college aan te wijzen leefgebieden, en
niet beschikt over alternatieven die de situatie van feitelijke of residentiële dakloosheid op kunnen heffen.
In aanvulling op artikel 2.3 van de wet en het gestelde in het eerste lid, kan een jeugdige in aanmerking komen voor beschermd wonen als:
de jeugdige een psychiatrische aandoening heeft, en
er voor de jeugdige sprake is van noodzaak tot bescherming van zichzelf of zijn omgeving, waarbij die noodzaak direct voortkomt uit de psychiatrische aandoening, en
de jeugdige niet beschikt over alternatieven die de noodzaak voor beschermd wonen op kunnen heffen.
Hoofdstuk
Artikel 11
Aanvullende criteria opvang en beschermd wonen
Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp Alkmaar 2015