Het is een inrichting toegestaan maximaal zes incidentele
festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de
geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van
het Besluit en artikel 4:5 van deze verordening niet van
toepassing zijn, mits de houder van de inrichting ten minste zes
weken voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in
kennis heeft gesteld. In afwijking van de vorige zin geldt voor
inrichtingen in het buitengebied een aantal van maximaal drie
incidentele festiviteiten per kalenderjaar.
Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal zes
incidentele festiviteiten per kalenderjaar de verlichting langer
aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel
4.113, eerste lid, van het Besluit niet van toepassing is, mits
de houder van de inrichting ten minste zes weken voor de aanvang
van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld.
In afwijking van de vorige zin geldt voor inrichtingen in het
buitengebied een aantal van maximaal drie incidentele
festiviteiten per kalenderjaar.
Het college stelt een formulier vast voor het doen van een
kennisgeving.
De kennisgeving wordt geacht te zijn gedaan wanneer het
formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is
ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.
De kennisgeving wordt tevens geacht te zijn gedaan wanneer het
college op verzoek van de houder van een inrichting een
incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien
was, terstond toestaat.
Het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt door de
inrichting bedraagt niet meer dan de geldende norm ingevolge het
Activiteitenbesluit dan wel de milieuvergunning plus 20 dB
Lar,LT, gemeten op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen op een
hoogte van 1,5 meter.
De geluidswaarde als bedoeld in het zesde lid is inclusief
onversterkte muziek en exclusief 10 dB(A) toeslag vanwege
muziekcorrectie. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie buiten
beschouwing gelaten.
Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten gehore
brengen van extra muziek - hoger dan de geluidsnorm als bedoeld
in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit en artikel
4:5 van deze verordening - uiterlijk om 24.00 uur
beëindigd.
De geluidsnorm als bedoeld in het zesde lid geldt voor het
bebouwde gedeelte van de inrichting en niet voor de
buitenruimte.
10. Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid blijven ramen en deuren
(indien aanwezig) gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten
van personen of goederen.
AFDELING 1
Artikel 4:3
Kennisgeving incidentele festiviteiten
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Soest