In de paragraaf bedrijfsvoering bij de begroting en de jaarstukken neemt
het college naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 14 van
het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten in ieder
geval op:
de omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en
de loonkosten;
de kosten van inhuur derden;
de huisvestingskosten;
de automatiseringskosten;
de budgetten voor de raad, de griffie, de rekenkamer en de
accountant; en
de budgetten in het kader van de Wet Normering Topinkomens.