Giften en andere vergoedingen voor materiële en immateriële schade op grond van artikel 31, tweede lid onder m, worden niet tot de middelen gerekend:
Indien aan de uitkeringsgerechtigde een schadevergoeding wordt toegekend voor materiële schade en:
de vergoeding is bedoeld voor geleden schade aan goederen die vanuit bijstandsoogpunt noodzakelijk zijn, en
de schadevergoeding daadwerkelijk wordt aangewend voor de geleden schade of dat de geleden schade eerder uit eigen middelen is voldaan.
Indien aan de uitkeringsgerechtigde een schadevergoeding wordt toegekend voor immateriële schade, voor zover de vergoeding minder bedraagt dan de van toepassing zijnde vermogensgrens.
Indien aan de uitkeringsgerechtigde een gift wordt toegekend en:
de gift een bestemming heeft, en;
de bestemming ten behoeve van een goed is dat naar aard en waarde algemeen gebruikelijk is, dan wel gezien de persoonlijke omstandigheden noodzakelijk is, en;
de gift incidenteel is.
Indien aan de uitkeringsgerechtigde een schadevergoeding wordt toegekend voor gederfde inkomsten of voor andere middelen bedoeld voor levensonderhoud, wordt deze schadevergoeding tot de middelen, overeenkomstig artikel 31 eerste lid van de wet gerekend.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3
Artikel 3.3.1
Schadevergoeding en giften
Onderdeel van Beleidsregels Participatiewet Nissewaard 2015