Naar hoofdinhoud
1.Voor het uitsluitend recht om gedurende een tijdvak van 20 jaar twee stoffelijke overschotten in een bepaald graf te doen begraven en begraven houden wordt boven en behalve het bedrag, genoemd in artikel 4 geheven een recht van € 1015,--, zulks met uitzondering van de graven in vak K, bestemd voor het begraven en begraven houden van een stoffelijk overschot van een persoon, jonger dan 12 jaar, waarvoor het recht wordt bepaald op € 461,--. Voor het uitsluitend recht om gedurende een tijdvak van 20 jaar twee stoffelijke overschotten bij te zetten in een grafkelder en te houden, wordt boven en behalve het bedrag ad €1015,--, genoemd in artikel 4, lid 5, een recht geheven van € 1015,-- per grafkelder, bestemd voor twee stoffelijke overschotten. Voor het uitsluitend recht om gedurende een tijdvak van 20 jaar een asbus of twee asbussen in een bepaald columbarium te doen plaatsen en geplaatst houden, wordt boven en behalve het bedrag, genoemd in artikel 4, een recht geheven van € 1015,--. Bij elke verlenging van een tijdvak van 10 jaar van het uitsluitend recht van begraven of het plaatsen van een asbus in een bepaald graf, respectievelijk een bepaald columbarium wordt € 18,25 geheven. Het recht voor het plaatsen van een grafmonument bedraagt € 90,--. Het overboeken van het recht tot begraven in een grafruimte op naam van een ander bedraagt € 7,50

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel