1.De voorlopige aanslagen worden ingevorderd in drie gelijke termijnen waarvan deeerste vervalt op de laatste dag van de maand, volgende op die waarin het aanslagbiljet is gedagtekend, de tweede een maand na de eerste vervaldag en de derde een maand na de tweede vervaldag.
2.De overige aanslagen worden ingevorderd in twee gelijke termijnen, waarvan deeerste vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, de tweede twee maanden later.
Hoofdstuk
Artikel 14
Betalingstermijnen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2015