Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 10.

Artikel 10.

Onderdeel van Protocol elektronisch verkeer 2015

Dat medewerkers ook bij elektronische berichten via de e-mail de normale gedragsregels in acht moeten nemen spreekt voor zich. Het tweede lid regelt de toegang door of namens de werkgever tot de persoonlijke postbus van medewerkers. Volgens vaste jurisprudentie mag een werkgever, zonder toestemming van de medewerker, onder bepaalde voorwaarden het e-mailverkeer van werknemers inzien, als dit in het belang van het bedrijf is. Dit bedrijfsbelang kan gelegen zijn in de continuïteit van het bedrijf (bijvoorbeeld bij ziekte van een werknemer), de veiligheid (het beschermen tegen virussen en hackers), de goede naam van het bedrijf (in het geval een werknemer vermoedelijk racistische, strafrechtelijke of seksuele uitlatingen doet via de mail of op internet) of het welzijn van (andere) werknemers (bijvoorbeeld tijdens een onderzoek naar (seksuele) intimidatie). Alleen zaakgerelateerde en “verdachte” e-mailberichten mogen worden gelezen. Mails van leden van de ondernemingsraad en de bedrijfsartsen mogen niet worden gecontroleerd. Ook het lezen van privémail is niet toegestaan. Veel medewerkers van de gemeente hebben een andere (al dan niet directe) collega gemachtigd om kennis te nemen van de e-mailberichten in de persoonlijke postbus. Voor medewerkers die dit niet hebben geregeld, kan één van de directeuren een andere medewerker mandateren om kennis te nemen van de zakelijke correspondentie in de persoonlijke postbus.

Rechtspraak bij dit artikel