Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3

(omvang mandaat)

Onderdeel van Mandaatbesluit 2015

1. Onverminderd artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht is artikel 2 niet van toepassing op de taken en bevoegdheden inzake: de voorbereiding van beslissingen van Provinciale Staten, bedoeld in artikel 158, eerste lid, aanhef en onder b, van de Provinciewet; het verstrekken van informatie aan de leden van Provinciale Staten anders dan op uitdrukkelijk verzoek of met uitdrukkelijke instemming van het betrokken lid van gedeputeerde staten; besluiten tot vaststelling van besluiten van algemene strekking, waaronder algemeen verbindende voorschriften; besluiten tot vaststelling van beleidsregels als bedoeld in artikel 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht of van andere beleidsstukken; besluiten tot het aangaan bestuursovereenkomsten; besluiten tot het voeren van rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures; besluiten die aan de goedkeuring of instemming van een ander bestuursorgaan zijn onderworpen; besluiten op bezwaarschriften en administratief beroepschriften als bedoeld in artikel 7:25 van de Algemene wet bestuursrecht; besluiten tot benoeming of tot het vaststellen van een voordracht tot benoeming anders dan op grond van de Collectieve Arbeidsovereenkomst Provincies (CAP); besluiten die financiële verplichtingen voor de provincie tot gevolg hebben waarbij die verplichtingen het bedrag van € 70.000 overschrijden; besluiten tot het verlenen van mandaat. 2. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder c, is artikel 2 van toepassing op besluiten tot wijziging van de grens van het buitengebied op grond van de Omgevingsverordening provincie Groningen, mits de portefeuillehouder vooraf heeft ingestemd met het voorgenomen besluit. 3. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder j, is artikel 2 van toepassing op: besluiten tot verlening van subsidie, mits de uit dat besluit voortvloeiende financiële verplichtingen het bedrag van € 125.000 niet overschrijden of de subsidieontvanger en de hoogte van de subsidie reeds zijn opgenomen in een bevoegd vastgesteld plan voor de besteding van de financiële middelen; besluiten tot vaststelling van subsidie;. besluiten tot gunning van werken of diensten die zijn voorbereid met toepassing van de voorschriften van de Aanbestedingswet 2012, en voldoende dekking beschikbaar is; besluiten tot het aangaan van overeenkomsten betreffende onroerende zaken; besluiten tot het plaatsen van gelden bij medeoverheden, onder de voorwaarden van de Wet financiering decentrale overheden en met in achtneming van het Financieringsstatuut 2013 of de regeling die voor dit Statuut in de plaats is gekomen; besluiten tot het plaatsen van deposito's bij de Nederlandse Staat, met in achtneming van het Financieringsstatuut 2013 of de regeling die voor dit Statuut in de plaats is gekomen; besluiten tot het afsluiten van geldmarkttransacties, met dien verstande dat deze besluiten worden genomen door de (plaatsvervangend) treasurer dan wel (plaatsvervangend) treasurymedewerker.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel