De in artikel 2, lid 1, bedoelde subsidie wordt verleend aan de hierna genoemde verenigingen:
zang- en oratoriumverenigingen;
accordeonverenigingen en orkesten, niet genoemd onder c;
harmonie- en fanfareorkesten, brassbands en de daaraan verbonden of zelfstandige drumbands, alsmede de aan orkesten of drumbands verbonden majorettekorpsen;
toneel- en cabaretverenigingen;
volksdansverenigingen;
operette- en musicalverenigen.
HOOFDSTUK 2 BEPALINGEN M.B.T. DE SUBSIDIEUITGANGSPUNTEN
Hoofdstuk
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Subsidieverordening amateuristische kunstbeoefening 2001