Naar hoofdinhoud
. De commissie bestaat uit maximaal acht stemhebbende leden. De aanwijzing van de in lid 1 genoemde leden geschiedt als volgt: twee leden worden aangewezen en benoemd door en uit de gemeenteraad; drie leden van de commissie worden voorgedragen door en uit de voorstanders van protestants christelijk onderwijs en benoemd door het college van burgemeester en wethouders; drie leden van de commissie worden voorgedragen door en uit de voorstanders van openbaar onderwijs en benoemd door het college van burgemeester en wethouders; Tenminste één lid van de onder b. genoemde leden en één lid van de onder c. genoemde leden, dient tevens ouder te zijn van een leerling van de school.

Rechtspraak bij dit artikel