**1..** Het college legt een maatregel op van 20% van de bijstandsnorm gedurende zes maanden, indien belanghebbende niet of in onvoldoende mate zijn medewerking verleent als bedoeld in artikel 17, tweede lid, Participatiewet, waardoor het college niet kan vaststellen of belanghebbende voldoet aan de Wet taaleis WWB (artikel 18b Participatiewet).
**2..** Onder het niet of onvoldoende medewerking verlenen als bedoeld in het eerste lid verstaat het college in ieder geval:
het niet op een aangegeven plaats en tijd verschijnen in verband met een onderzoek in het kader van de Wet taaleis WWB en;
het niet meewerken aan de uitvoering van de taaltoets in het kader van de Wet taaleis WWB.
**3..** De hoogte van de maatregel is 40% van de bijstandsnorm gedurende zes maanden, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit, waarbij een maatregel op grond van het eerste lid is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan eenzelfde verwijtbare gedraging.
**4..** De hoogte van de maatregel is 100% van de bijstandsnorm voor onbepaalde tijd, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit, waarbij een maatregel op grond van het derde lid is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan eenzelfde verwijtbare gedraging.
Hoofdstuk 2.
Artikel 10a
Medewerkingsplicht in het kader van de Wet taaleis
Onderdeel van Maatregelenverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Steenwijkerland 2015